Beweging Supinatie art. Cubiti
Supinatie van de art. cubiti verwijst functioneel naar het naar buiten draaien van de onderarm, waarbij de handpalm omhoog of naar voren draait (zoals in de anatomische houding). Anatomisch gezien vindt deze beweging plaats in de articulatio radioulnaris proximalis en distalis, waarbij het spaakbeen (radius) om de ellepijp (ulna) heen draait.
Tijdens supinatie roteert de radius terug naar een positie waarbij hij evenwijdig aan de ulna ligt, waardoor de handpalm van een pronatiehouding (handpalm naar beneden) weer naar boven gericht wordt. De beweging wordt begeleid door de elleboog (art. cubiti), maar speelt zich primair af tussen de radius en ulna, en dus niet in het scharniergewricht zelf.
Functionele voorbeelden van supinatie:
-
Een sleutel omdraaien naar rechts (voor rechtshandigen).
-
Een kommetje of schaal dragen met de handpalm omhoog.
-
Geld of een voorwerp van de hand aanbieden.
-
De hand correct positioneren voor een biceps curl of om te drinken uit een beker.
Supinatie is essentieel voor handelingen waarbij de handpalm naar boven of naar voren moet wijzen, en is nauw verbonden met bewegingen in de schouder en elleboog.
| Beweging: | De handpalm wordt naar buiten gedraaid |
| Vlak: | Frontaal |
| As: | Sagittaal |
Betrokken spieren
- m. supinator
- m. biceps brachii

Synergist
Antagonist
Compenserende spier
